Waar zelden leven is te bespeuren, is het deze woensdag in het najaar relatief druk. Drie mannen zijn aan het werk bij poldergemaal Oude Weer aan de Kievesterweg in Rasquert.
Stadjer Lesley Emmens en de Middelstummers Guus Poel en Nick Bleuming vervangen de motor. ´We hebben een moderne motor geïnstalleerd die energiezuiniger is en beter aan te sturen. En de schakelkast hebben we vervangen´, vertelt Lesley.
De laatste twee maanden van het jaar is Freddie Velthuis met zijn Hollandse Gebakkraam te vinden op het Johan van Veenplein in Uithuizermeeden.
Van dinsdag tot en met zaterdag verkoopt Freddie (56) er oliebollen vanuit zijn nieuwe, gelijkvloerse kraam. ´Een beste investering, daar kun je wel een heel luxe Mercedes voor kopen´, zegt de Zandeweerster op een woensdag in december.
Een supercombi noemt Mariska Knol-Clobus het: werken bij boeren én een eigen zaak – Handwerken XL – hebben.
´Het is fantastisch als je om half acht ´s ochtends in het veld – in the middle of nowhere – op de aardappelrooimachine staat. Moeilijk werk? Nee, maar het moet gebeuren. Heerlijk buiten in het modder aan het graaien. Ik mag graag met mijn handen werken´, zegt Mariska (42) in haar verrassend ruime woning achter haar winkel aan de Valge in Leens.
Wat dat betreft ben ik net Pippi Langkous
´Tot rond het middaguur werk ik en dan ga ik naar huis. Snel douchen zodat om 1 uur de winkel open kan.´
Bij Dia Werkman (46) in huis is overdag altijd wel bedrijvigheid. Dat krijg je als je een eigen kinderopvang hebt. Huisje boompje beestje heet haar bedrijf.
Deze donderdagochtend is het in hun woning aan de Singel in Ulrum extreem rustig, zegt Dia. Eén oppaskindje en zij ligt te slapen. Man Peter, werkzaam bij Hornbach, heeft een vrije dag. Het schattige hondje Rakker, een shih tzu, doet een dutje op de bank.
Biologische industriepeen van het land van landbouwer Hekma Wierda in Ranum wordt deze koude maandag in december opgehaald door transportbedrijf Gebroeders Groen uit Steenwijk.
Via de lopende band belanden de penen in de vrachtauto. Ze gaan naar België, waar ze verwerkt worden in babyvoeding en soepgroente.
Het is het tweede jaar dat Hekma Wierda industriepeen verbouwt.
Jacob (links) en Joost, Gerrit laat zich de zoute haring goed smaken.
Ulrum, donderdagmorgen half tien. Jacob Noorman heeft zojuist zijn viskraam neergezet naast de Goede Herderkerk in Ulrum. Samen met Joost Vellinga treft hij de voorbereidingen voor de verkoop.
´Haringen schoonmaken en kibbeling snijden. Tegen half twaalf wordt het druk en moeten we dit er niet bij hebben. Dan is het bakken en inpakken´, vat Jacob (56) hun werkzaamheden samen. ´De oven gaat zo aan, die moet het voor ons verdienen. Een kwartiertje, dan is die warm. En tegen tien uur komen de vaste koffiedrinkers. Gaan we het weeknieuws bespreken. Mooi hè.´
Ze staan op de eerste dinsdag van november met de laarzen in de blubber, de archeologen van MUG Ingenieursbureau. Ze documenteren op de opgravingsplek langs het nieuwe fietspad tussen Adorp en Sauwerd de profielen van de wierdebodem.
De laarzen zuigen zich soms vast in de vette en natte klei. Collega´s bieden elkaar de helpende hand als het te gortig wordt. ´We zakken weg in kuilen die we zelf gegraven hebben´, constateert archeoloog Anko Wieringa uit Houwerzijl droogjes.
Anko met 2000 jaar oude uitwerpselen van mens en dier. ´Goed geconserveerd, fosfaatrijk en supervruchtbaar. Ik heb een emmertje meegenomen naar huis voor mijn moestuin.´
De winterstop gaat zo in. De opgraving gaat in het voorjaar verder in noordelijke richting.
´We zijn bijna klaar met deze sleuf. Vandaag en waarschijnlijk morgen zijn we nog bezig om de profielen te documenteren en alles in te scannen. Er zijn misschien wel 300 laagjes en lagen. Alle nummers corresponderen met een laag. In een wierde is de opbouw ontzettend complex´, vertelt Anko.
´De wierde is laag doordat die al vroeg in Romeinse tijd is verlaten. Andere wierden zijn doorgegroeid. Hier liep een getijdenkreek langs.´
‘Tien tot twintig boerderijtjes zullen hier gestaan hebben. De huidige voorzichtige schatting is dat de wierde van ongeveer 300 voor tot 300 na Christus bewoond is geweest. Daar komt aan beide uiteinden misschien nog een eeuw bij als we alle vondsten precies gedateerd hebben.´
´In de middeleeuwen, tussen 1200 en 1300, lijkt er eveneens een korte bewoningsperiode te zijn geweest.´
Elke laag is voorzien van een nummer.
De wierde is een rijksmonument. Omdat de nog grotendeels aan te leggen watergang naast het fietspad erdoorheen snijdt, dient de aanwezige archeologie veilig te worden gesteld.
De opgraving leverde al een schat aan vondsten op. ´Driehonderd kratten, met scherven, dierenbotten (slachtafval), allerlei stukken steen (slijp-, wet-, polijst- en kookstenen) en enkele hele potten, een handvol munten en mantelspelden.´
In Museum Wierdenland in Ezinge zijn de meest opvallende vondsten te zien in de expositie Een sloot aan vondsten. Die wordt geregeld ververst en duurt in elk geval tot 28 maart 2022.
Een en al rust en stilte heerst er rond de middeleeuwse kerk in Den Andel. In die prachtige entourage wordt gewerkt, door een schilder met de rijmende naam Ties de Vries.
Het houtwerk van de kerk en vrijstaande toren krijgt een nieuw jasje, zowel buiten als binnen. Buitenom een combinatie van donkergroen en monumentengeel. Zoals het was voordat de tand des tijds er vat op kreeg.
´De kleurencombinatie past mooi in het geheel, met de oude stenen en muurankers´, zegt de schilder uit Wehe-den Hoorn. Zo´n 250 uur werk zit er naar verwachting in. En daar is geen minuut bij dat Ties de kwast met tegenzin hanteert.
Ben the Banjoman heeft een korte pauze ingelast, na anderhalf uur rondhobbelen door het centrum van Winsum met countrymuziek en Nederlandstalige meezingers.
Tegen 1 uur bezet hij de meterkast op de hoek van de Onderdendamsterweg/Schoolstraat, zijn werkattributen – een paard en banjo – naast zich. In de hand een fles appel-vlierbessensap. ´Heerlijk, de kaasboer gaf me deze delicatesse toen ik voor zijn Kaas-Notenhuysch speelde.´
Huib uit Epe gaat schuil achter Ben the Banjoman, zijn zelfbedachte creatie waarmee hij in het hele land optreedt en zijn brood verdient. Al sinds zijn middelbareschooltijd en dat is voor de veertiger een flink aantal jaren geleden.
´Het blijft leuk om mensen in een leuke stemming te brengen. Daar krijg je zelf een positief gevoel van. De reacties zijn vrijwel altijd positief. Grapjes worden ook uitgehaald. Dan schuiven bezoekers het paard een suikerklontje tussen de tanden bijvoorbeeld. Kinderen geven hem geregeld een aai over de neus, maar vaak kijken ze eerst even de kat uit de boom.´
Ben the Banjoman hobbelde er wel rond. The show must go on hè!
Covers zingt de Veluwenaar, zichzelf begeleidend op de banjo. Na de optredendip vorig jaar – corona immers – is hij weer steeds vaker te vinden in winkelcentra en op braderieën en markten.
´Soms is het best vermoeiend als je grote speeloppervlakte moet bestrijken en vele kilometers aflegt. Dat voel je echt wel aan het eind van de middag.´
Winsum is voor hem geen onbekend terrein, Promotie Winsum nodigde hem al vaker uit. ´De grootste ronde door het dorp heb ik al gehad, straks speel ik nog op het bedrijventerrein. Rond een uur of drie zit mijn optreden erop.´
Het weer is perfect voor hem, droog en niet te warm. ´Ik was twee jaar geleden op een braderie waar vanwege de hitte – het was bijna 40 graden – nauwelijks meer bezoekers rondliepen. Maar Ben the Banjoman hobbelde er wel rond. The show must go on hè!´
Op een mooie nazomerdag stuurt schipper Tsjerk Hesling Hoekstra zijn zeilklipper Willem Jacob door de vaargeul richting Noordpolderzijl. Vlak voor het zeehaventje keert de Stadjer zijn 26 meter lange schip. En dat is een prachtig gezicht.
´Voor mij is het makkelijker hier te keren dan in de haven vlak voor de sluis´, zegt Tsjerk als hij voet aan vaste wal zet. De operatie is geslaagd, al dreigde de voorkant van de klipper heel even aan de grond te lopen. Zijn schip heeft een diepgang van 1 meter en zo gek veel water staat er niet buiten de geul.